St. Anna Kerk
Hervormde Gemeente
Eck en Wiel
route >

Wanneer is een hand een hand?

00-00-0000

Het Hebreeuwse woord jad en het Grieks woord cheir zijn multi-inzetbaar. Je kunt ze voor van alles en nog wat gebruiken. In de eerste plaats natuurlijk als aanduiding van een concreet lichaamsdeel, hand. Soms wordt de hele arm ermee bedoeld. En nog veel vaker wordt het gebruikt als deel van een uitdrukking of in een figuurlijke betekenis.  
Een paar voorbeelden, de teksten komen uit de Nieuwe Bijbelvertaling:

Exodus 28:41
Laat je broer Aäron en zijn zonen deze kleding aantrekken en zalf hen; zo wijd je hen en heilig je hen om mij als priester te dienen.
Iemand ‘wijden’ is in het Hebreeuws ‘iemands hand vullen’

Deuteronomium 23:13
Verder moet er buiten het kamp een gelegenheid zijn waar u uw behoefte kunt doen.
Deze ‘hand’ buiten het kamp is de gezamenlijke toiletplaats. Waarschijnlijk herkenbaar aan een paal  in de grond. Het idee is dus: een hand/arm (= paaltje) buiten het kamp geeft de plaats aan waar iedereen zijn behoefte kan doen.

1 Samuel 15:12
Men vertelde hem dat Saul in Karmel was geweest en daar voor zichzelf een gedenkteken had opgericht, en toen was doorgereisd naar Gilgal.
Saul richtte een ‘hand’ op voor zichzelf, een gedenkteken.

2 Samuel 19:44
De Israëlieten antwoordden: ‘Wij hebben tien keer zoveel aandeel in het koningschap, en ook op David hebben wij meer recht dan jullie.
Wij hebben tien ‘handen’ in de koning = wij hebben tien keer zoveel aandeel in het koningschap

Daniel 10:4
Op de vierentwintigste dag van de eerste maand, toen ik mij aan de oever van de grote rivier de Tigris bevond,
De ‘hand’ van de rivier is de oever

1 Petrus 5:6
Onderwerp u dus nederig aan Gods hoge gezag, dan zal hij u op de bestemde tijd een eervolle plaats geven.
‘Hand’ staat voor gezag

Nu heeft het Nederlands hier ook wel een handje van. Ook bij ons figureert de hand in tal van uitdrukkingen en vaste verbindingen. Een hand geven, op handen zijn, aan de hand zijn, de hand slaan aan, onthand zijn, met hand en tand verzetten, iets onder handen hebben, etc.
Het cruciale punt is alleen dat dit hele pakket van uitdrukkingen met ‘hand’ maar in heel beperkte mate overlapt met het pakket van de Hebreeuwse en Griekse uitdrukkingen.
Het hoeft ons dus niet te verbazen dat er geen enkele Nederlandse vertaling is die in alle bovenstaande teksten met ‘hand’ vertaalt. Dat zou ook hele kromme teksten opleveren. ‘Letterlijk vertalen’ klinkt mooi, maar is in de praktijk vaak helemaal niet mogelijk.

Je kunt daar als vertaler op twee manieren mee omgaan. Je kunt zeggen: ik vertaal die woorden jad en cheir steeds met hand, we zien wel hoe ver we komen, en als het te mal wordt kiezen we voor een alternatief. Je kunt ook zeggen: vóór ik begin te vertalen, wil ik eerst een principe formuleren, een spelregel die aangeeft wanneer ik jad of cheir met hand vertaal en wanneer niet.
Die tweede aanpak is kenmerkend voor de Nieuwe Bijbelvertaling. En de regel die geformuleerd is, is eigenlijk heel eenvoudig: waar het Nederlandse gebruik van ‘hand’ overeenkomt met het Hebreeuwse of Griekse, kun je het prima zo vertalen, maar waar het níet overeenkomt zoek je het meest natuurlijke alternatief om de gewenst betekenis over te brengen.
De spelregels waarmee de NBV is gemaakt, spelen nu ook weer een belangrijke rol bij ons werk aan de revisie. Dankzij alle (duizenden!) reacties van lezers die, sinds 2004, zijn binnengekomen op de NBV hebben wij een goed beeld gekregen van wat lezers zien als de sterke en minder sterke kanten van de NBV, de kwaliteiten en de verbeterpunten.
In de revisie gaan we daarmee aan de slag, op een manier die recht doet aan het karakter van de NBV. En daarbij spelen die regels die aan de basis van deze vertaling liggen een cruciale rol. We maken er geen andere vertaling van, maar – hopelijk – de beste versie van zichzelf.

Deze blog is geschreven door Matthijs de Jong, hoofd Vertalen bij het Nederlands Bijbelgenootschap.